Een luisterend oor, een helpende hand, een groet van vrede… Franciscus van Assisi koos voor kleinheid en nabijheid. Vier verhalen uit de Franciscaanse familie, over eenvoud, verbondenheid en het samen zoeken naar God.
Broeder Jan ter Maat
‘Voor mij is Franciscus van Assisi de heilige van de ontmoetingen.’ Broeder Jan ter Maat, gardiaan van het franciscaner klooster in Megen, zegt het zonder aarzeling. ‘Franciscus ontmoette ooit de sultan, over wie het verhaal ging dat hij een bloeddorstig man was. Maar Franciscus legde die verwachting naast zich neer en ging toch naar hem toe. Het bleek een man die heel vredelievend en intelligent was. Een man met wie je vrienden kunt worden.’
‘Franciscus was in staat om alles los te laten’, stelt broeder Jan. ‘Niet alleen zijn bezit, maar ook vooroordelen en verwachtingen. Bij zo’n ontmoeting kan dan een leegte ontstaan die God kan vullen met verrassingen, met een wonder. Het hoort bij onze franciscaanse spiritualiteit om open te staan voor de mensen en de wereld om je heen. En als je ontdekt dat God werkzaam is in de meest kleine dingen, kun je Hem ook steeds meer zien in de wereld. Ik lees momenteel de autobiografie van Theresia van Lisieux, bij uitstek de heilige van de kleine dingen. Als zij naar een bloemetje kijkt, gaat er een hemel voor haar open! Die openheid en onbevangenheid kenmerkt ook Franciscus.’
‘Als je een van mijn medebroeders zou vragen naar Franciscus, zou je waarschijnlijk een heel ander verhaal krijgen’, lacht broeder Jan. ‘Franciscus heeft zoveel fa- cetten: schepping en duurzaamheid, broeder- en zuster- schap, gerechtigheid en vrede. Maar ook armoede, want de franciscanen zijn een bedelorde. Dat kun je historisch uitleggen, maar je kunt het ook spiritueel verstaan. We proberen te leven in het besef dat we alles gekregen heb- ben: dankbaar zijn voor wat je hebt en ontvangt, omdat je weet dat het niet vanzelfsprekend is. In feite bedelen we in dit leven allemaal bij God; we mogen Hem zien als de gever van al het goede.’
Broeder Jan geeft nog een laatste wijsheid mee: ‘Franciscus schrijft in zijn regel: als je ziet of hoort dat Gods naam ergens geweld wordt aangedaan, zet er dan iets goeds tegenover. Moet je daarvoor de wereld in? Nee, denk niet te groot. Het kan gewoon hier, op de plek waar je bent, in je straat. Er gebeurt dan zomaar een klein wondertje, en wie weet … een rimpeling die verder de wereld in trekt. Als je al die grote verwachtingen weglaat, ja, dan gebeuren er elke dag wel duizenden wonderen!’
Uit: Klooster! 34
Tekst: Marian de Heer; Foto: Rogier Veldman





