Schriflezingen: Spreuken 9,1-6; Efeziërs 5,15-20 en Johannes 6,51-58
Een onvergetelijke avond
Als ik dit evangelie hoor, moet ik weer denken aan een jonge man die me een tijdje geleden vertelde over zijn ervaring tijdens de reis naar de wereldjongerendagen. Dat zijn dagen die om de twee of drie jaar worden georganiseerd voor jongeren, telkens op een andere plaats in de wereld. Die jonge man vertelde dus over zijn ervaring bij één van die wereldjongerendagen. Op een avond vond er tijdens de reis een ‘avond van barmhartigheid’ plaats; dat is een avond van stil gebed rond het heilig sacrament dat is uitgesteld: op het altaar stond een monstrans, een mooie maar eenvoudige houder waarin de hostie werd getoond, goed zichtbaar voor allen. Iemand speelde soms zacht op een gitaar of zong een rustig lied, maar verder was het stil. Die jonge man vertelde me dat hij altijd had gedacht dat de communie gewoon een stukje brood was. Maar “Toen, op dat moment werd het met duidelijk en bewust dat het om iets anders ging dan brood; ik voelde van binnen, ik heb ervaren dat Jezus zelf daar aanwezig was”. Hij mocht op dat moment dus zelf beleven wat Jezus in het evangelie zegt: “Ik ben het brood des levens dat uit de hemel neerdaalt”.
Grietje Schouten
Grietje Schouten kwam uit Marken aan de Zuiderzee, nu het IJsselmeer. Zij was twee-en-twintig jaar nog maar, toen zij ernstig ziek werd – het was TBC – en in 1938 kwam zij in Bilthoven in een sanatorium te liggen. Dat sanatorium was een katholieke instelling en de verzorging gebeurde door zusters, religieuzen. Daar hadden haar ouders wel ernstige bezwaren tegen gehad want die waren stevig protestants, maar het was niet anders… Daar en nergens anders kon ze nu eenmaal terecht. Op een dag kwam een priester op de ziekenzaal om een van de andere patiënten de heilige communie te brengen. Toen kreeg protestantse Grietje zomaar een duidelijke innerlijke ervaring van Jezus’ aanwezigheid in de heilige communie. Ze kon er niet meer omheen: Jezus was daar echt, het was de Heer die daar voorbijkwam in de hostie, de communie. Voor Grietje werd dit een nieuwe weg van geloof die haar uiteindelijk leidde tot de katholieke kerk. Jarenlang kwam zij zondags als enige katholiek van Marken af naar Monnickendam om de Mis daar bij te wonen. Zij had een sterke innerlijke overtuiging, een liefde voor de Mis en de communie die niemand haar meer kon afnemen: zij had de Heer ontmoet, nu wist zij dat Hij er was, zij was innerlijk zeker, zij had het persoonlijk ervaren: Jezus is het zelf die in de communie bij ons komt.
De ervaring dat Hij er is
Eigenlijk wens ik dat iedereen wel toe: die persoonlijke ervaring dat Hij er is en dat de communie eerbiedig en met geloof door ons mag worden ontvangen en die communie tot een ontmoeting met de Heer mag worden. Daar gaat het uiteindelijk om: als het geloof in God en de sacramenten, vooral de eucharistie, de communie, iets van ons hart is geworden, zijn we nooit meer helemaal alleen. De communie wordt een bron van kracht, van hoop en leven. Ons geloof en de Kerk zijn dan geen clubje alleen, van mensen die samen iets doen, maar ons geloof wordt een bron om uit te putten, een ontmoeting met God die ons boven het alledaagse uittilt, boven onze zorgen en pijn, boven onze dagelijkse bezigheden en beslommeringen, boven het geld en de materie. Het wordt een ontmoeting die ons kracht geeft en vertrouwen, moed om door te gaan en trouw te blijven en die ons uitzicht geeft in de moeilijkheden. Het geloof wordt zo een kracht in ons leven. Daartoe heeft God ons de heilige Eucharistie en de heilige communie gegeven: als geestelijk voedsel op onze levensreis op weg naar het Leven en naar het eeuwig geluk. Als U zelf weleens zo’n ervaring hebt gehad dat God, dat Jezus bij U kwam, vergeet die dan niet. Dat de Heer ons allen mag helpen om die mooie, goede weg te gaan met Hem en te blijven gaan voor wat waar is, wat goed is en echt. “Wie dit Brood eet, zal in eeuwigheid leven”
† Jan Hendriks
Afbeelding: lininha bs via Pixabay





