Palmzondag wordt gekenmerkt door het grote contrast tussen de plechtige intocht van Jezus in Jeruzalem en het horen van het lijdensverhaal. Maar beide zijn nauw met elkaar verbonden. Tijdens de Goede Week richten we ons op het lijdensverhaal van Jezus. Alle teksten van de Goede Week spreken erover.
De palmprocessie waarin we Jezus met gezang begeleiden als hij de tempel binnengaat, toont ons het doel van de Goede Week. Ook al lijkt Jezus machteloos in zijn lijden, ook al lijkt hij de pion van de hogepriesters en de gouverneur Pontius Pilatus, het lijden van Jezus is de weg waarop hij de glorie van God, de tempel van God, binnengaat. Het is ook voor ons een troostend beeld. Juist waar we onze machteloosheid voelen, kunnen we ons volledig toevertrouwen aan Gods handen. Onze machteloosheid zal ons voor God openen.

De evangelist Marcus begrijpt Jezus’ schreeuw aan het kruis als een schreeuw van overwinning. Jezus sterft niet als slachtoffer van de kerkelijke en politieke intriges die hij op dat moment meemaakte. Hij sterft als overwinnaar. Dat is een belofte voor ons. Juist waar we overgeleverd zijn aan de duisternis van deze wereld, waar we ons machteloos voelen tegenover oorlogen en klimaatrampen, kunnen we ons net als Jezus in Gods handen laten vallen. Dan zijn we geen slachtoffers meer maar overwinnen we met Jezus al het lijden dat ons dreigt te verpletteren.
Lijden zal ons niet verslaan als we ons laten openbreken door te lijden voor de liefde van Jezus. We worden opengebroken voor ons ware zelf. En ons ware zelf is altijd de overwinnaar en nooit de verliezer.
Uit: Kerstmis en Pasen met Anselm Grün
Meditaties en gebeden






