Witte Donderdag – Buigen naar de mensen

Schriftlezingen: Exodus 12,1-8+11-14; Psalm 116; 1 Korintiërs 11,23-26 en Johannes 13,1-15

Op Witte Donderdag vieren we Jezus’ geschenk zichzelf aan zijn leerlingen te geven in de tekenen van brood en wijn tijdens de gezamenlijke maaltijd. In elke eucharistieviering vieren we dit geschenk van een liefde die sterker is dan de dood. De viering van de Eucharistie op Witte Donderdag wordt gekenmerkt door deze liefde die verder reikt dan de dood. Deze liefde wordt concreet in de voetwassing. In het Johannesevangelie is de voetwassing een interpretatie van zijn kruisdood. Jezus buigt zich neer naar het stof van de aarde en raakt het gevoeligste deel van de mens aan, zijn achilleshiel. Hij reinigt de voeten, maar geneest ze ook. In Jezus’ tijd wasten mensen niet alleen hun voeten, maar heelden ze hun wonden tegelijk ook met olie. Jezus’ dood is dus beide: reiniging tot in de kern van ons bestaan en genezing van onze diepste wonden. Jezus zelf roept zijn leerlingen op om hetzelfde te doen, niet om elkaar hun wonden te verwijten, maar om ze te reinigen en te helen. Liefde voltrekt zich niet van bovenaf, maar door zich naar mensen toe te buigen en ze liefdevol aan te raken waar ze zichzelf niet kunnen accepteren.

Wat de priester met 12 mannen en vrouwen doet tijdens de eucharistieviering op Witte Donderdag zou ook een mooi ritueel in het gezin zijn. De een wast de voeten van de ander, in stilte of met een kort gebed: “Moge Jezus Christus je reinigen van alles wat je gedachten en gevoelens vertroebelt, van alle boosheid, afgunst, angst en verdriet.” Dit geeft de intimiteit die Jezus creëerde in de bovenzaal toen hij de voeten van zijn discipelen waste.

Anselm Grün osb
Abdij Münsterschwarzach

Witte Donderdag

Een schaal met brood, een beker wijn

om zijn liefde aan de wereld te schenken.

Hij geeft zichzelf, zijn Lichaam en Bloed.

 ‘Blijf dit doen om mij te gedenken’.

 

Hij die zijn vrienden de voeten wast,

niet als een slaaf maar innerlijk vrij.

Baanbrekend teken van dienstbaarheid.

‘Doet dit ter herinnering aan mij’.

 

Een avond, zo anders dan gewoon

met een maaltijd die Jezus’ laatste is.

Hij breekt en deelt al wat hij heeft.

‘Doet evenzo, tot mijn gedachtenis’.

Paul Vlaar

 

Uit: Van Vasten tot Verrijzenis, blz.114-117
Afbeelding: Sieger Köder, de voetwassing

 

Boeken