Psalmodiëren: een eeuwig heen en weer

Het is een van de oudste rituelen die we in onze traditie kennen: psalmodiëren. Het idee dat Jezus zelf deze woorden al bad, het ritme van de zinnen, het heen en weer tussen de koorbanken… de psalmen zijn groter dan wij zelf. Een ode aan de psalmen, om langzaam te lezen.

Adem in –zing – adem uit – en wacht…

Het zingen van psalmen is een terugkomend ritueel
dat in kloosters dagelijks wordt uitgevoerd, in beurtzang.
Dit gebeurt al eeuwen lang.
Zoals bijna alle rituelen vorm krijgen in lijfelijke handelingen
is het psalmodiëren naast een geestelijke, ook een lichamelijke oefening.

Het reciteren op toon van deze oeroude teksten
gaat hun woordelijke betekenis, onze ratio, voorbij
en wortelt dieper in ons wezen.
Daar waar ons on(der) bewuste,onze ingegeven impuls het overneemt.

De meest basale impuls die we als mensen hebben is onze adem, de levensasem.
De psalmodie, dan wel in het Latijn of welke andere taal ook gezongen,
in welketoonsoort of modus ook, is geënt op deze impuls.

De inademing is geen actie van onszelf,
maar ze overkomt ons en is een geschenk
dat we onverdiend ontvangen, elke keer opnieuw.
Het is de kunst om dit geschenk zo onbevangen en vrij mogelijk te ontvangen.
We zetten elke porie in ons lijf open,
onze mond, neus én oren om geïnspireerd te worden.

De uitademing is onze actie
waarin we uiting geven aan onze jubel,
onze boosheid, ons verdriet, ons verlangen en onze stilte.

Al deze gestalten vinden we terug in de psalmteksten.

Al psalmodiërend raken we aan de diepere lagen van ons bestaan.
Dat gebeurt als we ons stemgeluid, de trilling,
koppelen aan dat van onze medebroeders
én aan de kerk waarin we zingen door te luisteren.
We ‘neigen ons oor’.

De ware vreugde van het samen zingen zit in het al zingend luisteren.

Een psalmregel bestaat uit twee gedeelten
die van elkaar gescheiden zijn door een mediatio.
Na de eerste regel te hebben gezongen wachten we in deze mediatio
(of mediant) op een nieuw geschenk van inademing.

Deze ‘stilte in verwachting’ is eigenlijk het mooiste
en meest magische moment in de psalmodie.
We geven ons over en wachten…

Na de tweede regel wordt de adem
met een soepele puls doorgegeven aan het andere koor.

Elke psalm wordt afgesloten met een doxologie.
Alle broeders staan op en buigen als in een sierlijke choreografie
uit eerbied voor de Drie-eenheid én voor elkaar.

Zo voeren de twee monnikenkoren tegenover elkaar staand een eeuwenoud ritueel uit, dat dagelijks velen raakt. Sinds enkele maanden geef ik zangles aan de broeders in de abdij van Egmond. Ik merk vooral de passie die de broeders hebben bij het zingen van psalmen. Het is hun ‘core business’. Het vrijmaken van lichaam en geest en het vreugdevol luisteren naar elkaar en naar de stilte blijven, gelukkig, een dagelijks terugkomende oefening.

Uit Klooster! 14
Tekst: Bram Verheijen
Foto: Armando Jongejan

Boeken