Op 25 april vertrokken we met z’n tienen uit Amersfoort naar Trappistenabdij Maria Toevlucht in Zundert. Voor sommigen is het de eerste keer naar deze abdij, een aantal van ons was er al vaker. En voor één deelnemer was het haar eerste kloosterweekend. We zijn katholiek of protestant en kennen elkaar van een eerder kloosterweekend of uit de kerk.
De voorbereiding
Een poosje voor het weekend komen we bij elkaar voor een informatieavond. Tijdens deze voorbereiding spraken we met elkaar over de soberheid, de stilte en de verschillende gebedsdiensten. Trappisten bleken vooral bekend van het bier. (Helaas, er is geen rondleiding en geen proeverij.)
We keken die avond een stuk van de film Bomans in Triplo, waarin Godfried Bomans zijn broer interviewde. Vooral de uitspraak van broeder Jan-Baptist dat hij de tijd dat ze volledig in stilte leefden toch fijner vond dan de huidige tijd waarin ze met elkaar mogen praten verbaasde de meeste deelnemers. De stilte trekt de groep wel aan, maar voelt ook wat gekunsteld: “Tijdens de maaltijden wordt er niet gesproken, maar daarna bij de afwas wel. Hoezo dan?” Dat je bewuster eet wanneer de aandacht naar het voedsel gaat, in plaats van naar je gesprekspartner klinkt dan toch wel weer logisch.
De gebedstijden zorgen voor commotie: Het nachtofficie is om half 5 in de ochtend! “Hoe laat moeten we dan naar bed?” Vanaf half 10 is er stilte geboden. “Is het verplicht?” Nee, je doet waar je je goed bij voelt. “Wat doe je dan daarna?” Wat je wilt, lezen, wandelen, terug naar bed… Iedereen besluit er toch aan mee te doen, of het in elk geval te proberen.
Een paar dagen van tevoren horen we dat de uitvaart van de paus op de zaterdag van ons verblijf zal zijn. Ik check bij broeder Peter of mijn herinnering – geen tv en geen wifi – klopt. Helaas, die klopt. Broeder Peter zou het ook zonde vinden als wij onze vrije zaterdagmorgen voor de buis zouden doorbrengen. Daar is niet iedereen het mee eens, het is wel de paus tenslotte …
Het kloosterweekend

Op 25 april gaan we richting Zundert. Vrijdagmiddag in de meivakantie… Vanuit het midden van het land doen we er bijna twee uur over, maar het voordeel is dat iedereen lekker heeft bijgepraat in de auto. Broeder Peter ontvangt ons gastvrij. Na een kleine rondleiding en uitleg over de liturgische boeken voelen we ons al een beetje thuis. Daarna vertelt hij dat onlangs het nachtofficie afgeschaft is. Met zes broeders was het moeilijk vol te houden. Soms waren ze maar vier. Het ging niet meer. En hoewel bijna iedereen er tegenop gezien had om om kwart over vier op te staan, is er toch teleurstelling, direct gevolgd door begrip.
Begrip was er aanvankelijk minder waar het de uitvaart van de paus betreft die we zaterdag niet kunnen zien. Maar het weer is mooi en er wordt gewandeld en gelezen. In het avondgesprek verdiepen we ons in de regel van Benedictus, en we praten na over wat we ervaren hebben. Het is nog wennen.
Zaterdag
Een deel van de groep doet ’s morgens om half acht mee aan de zen meditatie. De reacties lopen uiteen: “Wat was het snel voorbij!” “Ik weet niet wat ik daar aan het doen was. Ik bleef maar nadenken.”
De rest van de dag brengt eenieder door zoals hij of zij dat wil, wat lezen, naar de winkel, samen thee drinken, wandelen in het Sterrebos en de 4 gebedsdiensten.

Achter het Sterrebos ligt een prachtig natuurgebied met vennen en heel veel vogels. We staan er lang te kijken. In de Mariakapel in het Sterrebos ontmoeten we een andere gast. Ze komt al meer dan veertig jaar in Zundert, en had altijd fijne gesprekken met broeder Gilbert. Hij is een paar maanden geleden overleden. Dit weekend komt ze met broeder Bruno napraten over zijn uitvaart en herinneringen ophalen. Dat geeft troost, vertelt ze.
’s Middag spreken we als groep met broeder Harold. Hij is de jongste, heeft onlangs zijn eeuwige professie gedaan en verblijft nu vier jaar in het klooster. Hij vertelt over naar binnen keren, over God zoeken in de ruimte van de stilte. God die ook in de ruimte in jezelf te vinden is. Het is een moeilijk gesprek, niet iedereen kan aanhaken en begrijpt wat hij bedoelt. Bij wat praktische vragen leeft iedereen weer op: Waarom hebben jullie toch die enorm lange mouwen aan de kovels? Een overblijfsel uit de oude tijd oppert broeder Harold, dat ook laat zien dat dit een tijd is om te bidden en te zingen, en niet om met praktische zaken bezig te zijn.
’s Avonds buigen we ons over enkele stukjes uit het boek Der Mönch in Dir, die Peter Nissen vertaald heeft en die de afgelopen veertigdagentijd op zijn Facebook pagina verschenen. Het zijn stukjes vol kloosterwijsheid, die we soms combineren met stukken uit de Regel, waarbij we op zoek gaan naar parallellen in ons leven. Soms herkenbaar, soms ook heel lastig om de boodschap ook handen en voeten te geven in het eigen leven. Het hoofdstuk uit de Regel over Zwijgzaamheid (hoofdstuk 6) is de aanleiding van een grote lachsalvo: Daar hebben we niets over te zeggen! Goed bezig dus. Tijd voor een drankje en een terugblik op de dag. “Wat was de eucharistieviering intens, kon het zo ook maar in onze kerk, wat een mooie ervaring.”
Zondag

Wat is zo’n weekend kort. Een druk bezochte eucharistieviering, gevolgd door koffie en een bezoek aan de winkel. Biertjes voor thuis en een enkel boek. Wat mooie kaarten en een stukje kaas. ’t Komt tenslotte ten goede aan het klooster. Nog even wandelen en dan is het alweer tijd voor de middagdienst. Na de lunch maken we onze kamer schoon en verzamelen we ons om huiswaarts te gaan. De stilte heeft ons goed gedaan, geen wifi beslist ook, het wandelen en buiten zijn was weldadig. Maar ook de ontmoetingen maken zo’n weekend tot een mooie ervaring.
Veel dank zijn we verschuldigd aan de broeders, die hun abdij openstellen voor bezoekers, en zo iets van hun eigen rust en stilte inleveren.

Tweeënhalve week later lezen we het bericht dat de abdij Maria Toevlucht kiest voor voltooiing. Het kloosterweekend-appgroepje ontploft: We begrijpen het, maar het stemt ons verdrietig. We hopen dat abt Guido, en broeders Peter, Christiaan, Harold, Bruno en Titus een nieuwe plek zullen vinden waar zij zich thuis zullen voelen. Net als ongetwijfeld de broeders, zullen ook wij de abdij missen, als bron van stilte, rust en devotie.
Edith Vos





